We hebben het in onze samenkomsten al eens over vrede en warme vriendschap. Maar wat betekent vriendschap nu écht? Eeuwenlang hebben mensen erover nagedacht, van de oudtestamentische verhalen en de evangeliën tot de brieven van de apostelen. En ook Augustinus wijdde talloze pagina’s aan dit thema.
Maar wat zegt vriendschap ons vandaag? Hoe geven we het een diepere plaats in ons leven? In het eeuwenoude verhaal van vriendschap zoeken we naar betekenis. Toen én nu in een wereld vol digitale connecties. We zoeken, zingen en bidden over vriendschap.
Joodse verhalen over vriendschap
Er zijn in de geschiedenis van de joodse gemeenschap verrassende hechte vriendschapsrelaties ontstaan die belangrijke keuzes met zich meebrengen. Er is het bekende verhaal van Ruth en haar schoonmoeder Naomi. Ruth, de Moabitische, vindt de vriendschap met haar joodse schoonmoeder belangrijker dan de band met haar eigen volk.
David en Jonathan blijven elkaar trouw, ook wanneer koning Saul probeert hun band te doorbreken. Er is in het boek Spreuken tal van wijze raad te vinden over vriendschap. “Een trouwe vriend is een stevige schuilplaats: wie er een vindt, vindt een schat”.
Petrus en Paulus…
…zijn dat vrienden? Vaak wordt hun beider naam in één zucht samen genoemd. We kennen menige kerk die de naam Petrus en Paulus draagt. En de kalender van de heiligen, noemt hun naamfeest op 29 juni in één adem. Of dat betekent dat ze beste vrienden zijn valt nog te bekijken.
Elk op zijn manier
Het is natuurlijk een feit dat beiden aan de wieg staan van de Jezusbeweging. Elk op zijn manier. Petrus is Jezus tijdens zijn openbaar leven gevolgd. Hij heeft met eigen ogen gezien hoe hij allerlei mensen nabij was. Dat was ook zo met zijn leerlingen. Petrus vergeet nooit zijn woorden bij de laatste maaltijd: “ik noem u geen dienaars meer, u heb ik vrienden genoemd”. Het zijn woorden met een grote intimiteit en warmte. En ook de volgende woorden getuigen van vertrouwen: “Mijn vrienden zijt gij wanneer gij mijn weg wilt volgen”.
Ontmoetingen en nieuw inzicht
Paulus heeft Jezus op een heel andere manier leren kennen. Van Jezus’ aardse optreden heeft hij niets meegemaakt. Hij is een vrome jood, gehecht aan de Thora. Aanvankelijk vindt hij die Jezusbeweging maar niets. Zij neemi de Thora niet au sérieux. Het heeft een tijd geduurd eer hij die volgelingen van Jezus begreep. Er is hem een licht opgegaan dat hij dankt aan een “ontmoeting”. Zo noemt hij het. Het brengt hem tot een nieuw inzicht. Hoe dierbaar de Thora hem ook is, hij ontdekt de bevrijdende manier hoe Jezus daarmee omgaat. Hij is zelfs zodanig enthousiast dat hij vindt dat die boodschap wereldwijd verspreid moet worden.
Elkaar vinden in vrijheid
Petrus wil trouw blijven aan de Thora. Paulus wil dat ook. Beide hebben hun manier om Jezus als de levende te ontdekken in hun eigen leven. Hij opent een nieuwe vrijheid. Daarin vinden beide mannen elkaar. Ze volgen hem als gids voor het leven. Het neemt hun verschillende achtergrond niet weg. En daarover wordt behoorlijk geredetwist en geruzied. Na hun visies aan elkaar getoetst te hebben en hun hart te hebben gelucht gaan ze uit elkaar. Sans rancune. Ook al gaan ze verschillende wegen, eenzelfde bezieling overstijgt hun persoonlijke belangen.
Petrus en Paulus. Twee verschillende wegen, maar gedreven door eenzelfde bewogenheid. Heeft vriendschap te maken met het erkennen van elkaar “anders zijn” als rijkdom, met waardering voor elkaars keuze.
Waren Maria en Elisabeth vriendinnen?
Ze hebben in elk geval heel wat gemeen. Beiden zijn zwanger zonder dat ze het hadden verwacht. De éne heeft nog “geen man bekend” zoals het heet in Bijbelse taal, de ander is eigenlijk al te oud. Maar uit het enthousiasme waarmee ze elkaar begroeten klinkt vooral vreugde. Ze hebben elkaar uiteraard veel te vertellen. Onder meer over de kinderen waar ze naar uitkijken.
Vriendschap in beroerde tijden
Nieuwsgierig en spannend wisselen ze hun gevoelens met elkaar. Niet in het minst om de beroerde tijden die ze meemaken. Er hangt zoveel onrust in de lucht. Zoveel spanningen en opstootjes tussen Romeinse soldaten en joodse vrijheidsstrijders. In zo’n situatie neem je maar beter de nodige voorzorgen wanneer de bevalling eraan komt. Maar ze laten zich niet van de wijs brengen.
Ontwapenende vriendschap
Ze hebben iets ontwapenend in hun blijdschap. De vreugde om het verwachte leven heeft toch de bovenhand. Ze beseffen nog niet welke doorbraak het zal betekenen wanneer hun respectieve kinderen eenmaal volwassen zullen zijn. Profetische figuren die zich inzetten met hart en ziel. Straks wacht hen het lot van zoveel profeten voor hen.
Draagsters van nieuw leven
Maar vandaag vallen Maria en Elisabeth elkaar om de hals. Ze verstaan elkaar. Ze beseffen dat ze draagsters zijn van nieuw leven. Dat inspireert hen tot een stoutmoedige creativiteit. Maria voelt aan waar er nood is en zij gaat op reis, door het bergland, om haar nicht Elisabeth te helpen. Ze wacht niet tot het haar gevraagd wordt, zij voorkomt de vraag en neemt zelf het initiatief.
De dienstbaarheid van kleine mensen
Het is de stille dienstbaarheid van kleine mensen die een perspectief biedt. Vriendschap die beiden sterk maakt. Vriendschap die overstroomt in goed doen aan anderen. Het gaat niet om een oppervlakkig gevoel van jolijt of over een “kick”, maar over de intense, diepe vreugde van mensen die niet op zichzelf gericht zijn, maar open en aandachtig zijn voor anderen.
De kleine goedheid
Vriendschap heeft het niet van grote toespraken of plechtige verklaringen. De vriendschap tussen Maria en Elisabeth gaat zijn eigen gang van de kleine goedheid waar de joodse filosoof Emmanuel Levinas het over heeft. Het wordt ook wel zielsverwantschap genoemd. Of hartelijke verbondenheid. Of een spontaan aanvoelen wat er bij de ander omgaat. Maria en Elisabeth.
Ze hebben zich overgegeven aan de kleine goedheid. Die kleine goedheid is mooi en onmachtig als de morgendauw. Ze wint nooit, maar wordt ook nooit overwonnen! Zoals dit het geval is met Elisabeth en Maria.
Lukas 1, 39-45 – Maria bezoekt Elisabet
Ignace D’hert o.p.

Voeg commentaar toe