Moet ik dan vergeving schenken?
Als een van je broeders of zusters tegen je zondigt, moet je die daarover onder vier ogen aanspreken. Als ze luisteren, dan heb je ze voor de gemeente behouden. Luisteren ze niet, neem dan een of twee anderen mee, zodat de zaak zijn beslag krijgt dankzij de verklaring van ten minste twee getuigen. Als ze naar hen niet luisteren, leg het dan voor aan de gemeente. Weigeren ze ook naar de gemeente te luisteren, behandel hen dan zoals je een heiden of een tollenaar behandelt.
Daarop kwam Petrus bij hem staan en vroeg: ‘Heer, als mijn broeder of zuster tegen mij zondigt, hoe vaak moet ik dan vergeving schenken? Tot zevenmaal toe?’ Jezus antwoordde: ‘Niet tot zevenmaal toe, zeg ik je, maar tot zeventig maal zeven.
Matteus 18, 15-22
Gerechtigheid en barmhartigheid
De twee passages staan op gespannen voet met elkaar. Het is een spanningsveld dat we goed herkennen. Het is het spanningsveld van recht en genade, gerechtigheid en barmhartigheid. Enerzijds mag onrecht, mag een misdaad niet worden weggemoffeld of gebagatelliseerd. Het onrecht moet genoemd worden en onder ogen gezien. Zo luidt de eerste passage die als een rechtsregel klinkt. Daaraan mag niet worden voorbij gegaan.
Zeventig maal zeven keer
De tweede passage brengt iets nieuws binnen. De vraag van Petrus gaat er van uit dat er grenzen zijn. Ook voor de vergevingsgezindheid. Dat is ook zo. Het antwoord van Jezus gaat dààr echter niet rechtstreeks op in. Hij evoceert iets van een richting, van een andere denkpiste. Zeventig maal zeven keer. Dat herinnert aan één van de allereerste figuren in de Bijbel. Een zekere Lamech, zoon van Kaïn. We herinneren ons nog Kaïn als een niet bepaald lieftallig personage. Lamech gaat nog een stapje verder. Op een mooie dag zegt hij tegen een van zijn vrouwen: “Wordt Kaïn zevenvoudig gewroken, Lamech zevenenzeventigvoudig” (Genesis 4, 24).
Andere wegen zoeken
Het woord van Jezus suggereert een andere denkpiste dan de mateloze bloedwraak waarbij mensen en gemeenschappen elkaar zonder enige rem doden en uitroeien. Jezus suggereert dat we andere wegen zoeken die leiden naar vreedzaam samenleven.
Daarmee is de spanning niet opgelost. Ze blijft bestaan. Het zal telkens weer opgave zijn een weg te zoeken die zowel recht als genade samenbrengt.

Voeg commentaar toe