Ieders bijdrage telt

Een bijdrage aan een rechtvaardige samenleving

Mensen zijn, bijbels gezien, geroepen om vrij te zijn, vrij om verantwoordelijkheid op te nemen. Om te werken, te zorgen voor het eigen gezin, voor de eigen familie én voor de samenleving. Dat veronderstelt dus ook: er niet op uit zijn om te profiteren van het werk van een ander.

De bijbel vraagt niet alleen persoonlijke verantwoordelijkheid, maar ook een bijdrage aan een rechtvaardige samenleving. Dit betekent: een systeem van herverdeling, voor die mensen die het niet redden op eigen houtje. Die ziek zijn of oud. Ze worden in de Bijbel genoemd: de arme, de weduwe, de wees, de vreemdeling.

Herverdelen

De evangelist Lucas hoopte dat wie veel bezit had, dit zou verkopen om te herverdelen. Af en toe gebeurde dit en dat was een bron van grote vreugde. Dat is de vrucht van een ‘leven vanuit de Geest’ in die eerste christengemeenten. De sterkste schouders die het meeste konden en wilden dragen.

Telkens was het een zoektocht, we horen het bij Paulus: “Wordt er voor de Griekssprekende weduwen wel even goed gezorgd als voor de Hebreeuwssprekende weduwen? “
En we lezen zijn scherpe terechtwijzing van ‘de leeglopers’.

Leeglopers

Die leeglopers worden vandaag ook wel ‘profiteurs, luiaards, nietsnutten…’ genoemd.
In onze samenleving, waarin het individu verantwoordelijk gesteld wordt voor al dan niet goed leven, hebben we vlug een oordeel klaar over werklozen, langdurig zieken, … mensen die afhankelijk zijn van een of andere uitkering.

Bevooroordeeld

Ik denk aan iemand uit onze dichte kring, ik noem hem Koen.
Koen is vijftig, enig kind, complicaties bij de geboorte, liefdevolle ouders die een lang en lastig parcours afleggen om te aanvaarden dat hun zoon opgroeit met beperkingen.
Koen huurt een sociale woning en werkt in een maatwerkbedrijf. De laatste jaren afgebouwd tot drie halve dagen per week. Maandelijks ontvangt hij een uitkering (een inkomensvervangende tegemoetkoming omwille van zijn beperking) plus het loon voor zijn drie halve dagen werk.

Enkele maanden geleden beslist Koen om te stoppen met werken. Hij heeft er goed over nagedacht, het gaat niet meer, het houdt op.
Voor de mensen rondom hem gaan alle alarmbellen af.
Koen, stoppen met werken! Weet je wel wat dat betekent?
Drie halve dagen, dat is al zo weinig.
Je bent pas vijftig, nog veel te jong om niets meer te doen.
En weet je wel wat dit financieel betekent?
Je hebt veel angst, akkoord. Maar opnieuw aankloppen bij je therapeut kan misschien soelaas brengen.
Heb je dit al besproken op het werk?
Enzovoort.

Andere blik

De vragen en bedenkingen werden zeer omzichtig uitgesproken tegenover Koen. Maar in onze hoofden klonken ze luid en heftig. Ook in mijn hoofd. Tot ik het verhaal vertel aan iemand hier in Dominicus. Ik krijg een ander soort bedenkingen en vragen te horen en meteen ook de kans om mijn vooroordelen bij te stellen.

Misschien gaat het écht niet meer voor Koen, is hij al lang aan het eind van zijn kracht. Zijn angsten komen misschien wel voort uit spanning op het werk. Werk dat hem misschien boven het petje gaat? Ook een maatwerkbedrijf ontsnapt niet altijd aan de ratrace.
Ik besef dat ik, en velen met mij, beïnvloed ben door de ideeën over werken, geld verdienen, loon naar werk. Rondom mij zie ik voldoende voorbeelden van mensen voor wie het helemaal niet lukt om zich in te passen in de heersende arbeidscultus.

Hoe komt het dat werken voor sommigen te zwaar weegt?
Kennen we achterliggende oorzaken?
Willen we die wel kennen en meenemen in de organisatie van werkgelegenheid?
Zijn er flexibeler systemen mogelijk?

“Wij drukken u op het hart, wijst de leeglopers terecht” zegt Paulus.
Voor Koen en voor de velen in een gelijkaardige situatie voegt hij er aan toe:
“streef naar wat goed is voor elkaar en voor alle mensen”.

Ik mag het hopen…

Drie bedenkingen…

Zoals het verhaal van Koen aangeeft, zijn er mensen die niet meekunnen in de ratrace van onze samenleving. Gelukkig voor hen, zijn er uitkeringen. Dit solidariteitssysteem moet echter betaald worden via belastingen, betaald door de werkende mensen én hun werkgevers.

De nieuwe regering vindt dat er te veel mensen zijn die profiteren. Dat te veel mensen niet willen werken en bijgevolg ook niet billijk bijdragen. Daarom moeten mensen dus méér en langer aan het werk. En ondertussen gaat deze regering besparen, vooral op de uitkeringen en pensioenen.

1. Wie profiteert…?

België is een land met heel veel zwart werk: 13% van onze economie zou in die grijze zone zitten. Ik ken zelf ook redelijk wat mensen die een uitkering krijgen en ondertussen hard werken en goed bijverdienen in het zwart: in de bouw, in poetsdiensten, in de horeca. Ik heb daar grote moeite mee. Ik vind dat zulke mensen de sociale zekerheid misbruiken en belastingen ontlopen. Zij dragen te weinig bij.

Aan de andere kant: Wie profiteert er van hun arbeid? Wie wil al deze diensten? En is het voor bv. een koppel met een klein pensioen nog betaalbaar om tuinonderhoud of herstellingen ‘in het wit’ te laten uitvoeren?

2. Minder dan leefloon…?

Onze ervaring met vluchtelingen wijst uit dat de meeste vluchtelingen na een tijdje werk vinden. Maar sommige vaders met grote gezinnen willen niet werken. Wie laaggeschoolde arbeid doet, houdt soms minder geld over voor zijn gezin, dan met een leefloon. Of heeft door te werken maar een klein beetje meer geld. Omdat die ongeschoolde arbeid zo slecht betaald wordt, omdat je nog extra kosten hebt voor vervoer, én omdat wie werkt, bepaalde toelagen verliest.
Het gaat toch niet op dat iemand die werkt op het einde van de maand minder overhoudt dan iemand die niet werkt.

Maar: wat zou ik zelf doen in een situatie waarin werken zo weinig loont? Zou ik mij ook settelen in een leefloon en veel kindergeld, of daarnaast nog hard werken in het zwart en bijverdienen zodat ook ik voor mijn groot gezin een auto kan kopen?

Een ander voorbeeld : Als je  met twee of drie leefloners tijdelijk wil samenwonen om de hoge huurkost te delen, dan loop je in veel steden het risico dat je leefloon verlaagt. Omdat je als samenwonend wordt gezien. Het OCMW van Gent is daar voorlopig nog soepel in, maar in Antwerpen  veel minder. Solidariteit wordt zo bestraft. De Wooncoalitie Gent probeert deze regels te veranderen zodat samenhuizen wél zou kunnen.

3. Ieders bijdrage…?

Ik ben absoluut voor verantwoordelijkheid. Voor iedereen. Een samenleving opbouwen vraagt  ieders bijdrage, via betaalde arbeid of vrijwilligerswerk. Maar ook de superrijken moeten billijk bijdragen . En dat is wereldwijd niet het geval. Een internationale groep economen kon, na veel strijd, eindelijk bekomen dat de allergrootste techbedrijven toch 15% belast zouden worden . Omdat techbedrijven zoals Google momenteel bijna niets betalen…

Ook onze regering noemt de meerwaardebelasting van de grootste vermogens een ‘solidariteitsbijdrage’. Ik vind dit een leugenachtig woord. Alsof die rijksten – die zeer weinig belastingen betalen op aandelen en eigendommen – nu plots solidair worden door die kleine bijdrage. Belastingen op arbeid blijven veel zwaarder dan belastingen op vermogen.

Ik ken iemand die bij hele grote bedrijven belastingcontrole doorvoert. Zij komt bij fraudeonderzoek tegenover een bataljon juristen te staan. Haar ervaringen overtuigen mij dat de rijken alles, maar dan ook alles zullen doen om te ontsnappen aan de kleinste en doodnormale vorm van menselijke solidariteit. Het grote geld zal nooit uit zichzelf bereid zijn om eerlijke belastingen te betalen.

Maar toch kiest de politiek daar niet voor. In het nieuwe regeerakkoord wordt evenveel geld begroot voor fiscale fraude als voor sociale fraude. Hoewel fiscale fraude vele malen groter is dan sociale fraude.

De moeilijke opdracht om te herverdelen

Herverdeling was en is altijd een moeilijke opdracht.
De bijbel spoort in het boek Deuteronomium aan tot een structurele bijdrage van 10% van de oogst. Dat was toen een hoog percentage. Voor onze sociale zekerheid dragen veel werkenden veel meer bij, maar niet de rijksten.

‘Nie pleuje,’ zeggen de profeten. De allerrijksten móéten bijdragen en mogen zich niet langer verrijken op kap van de armsten.

‘Nie pleuje,’ neem uw eigen verantwoordelijkheid , klonk het in de eerste christengemeenten, waar men de leeglopers waarschuwt die wel kunnen, maar niet willen werken.

‘Nie pleuje,’ zegt Jezus, als het gaat om solidariteit met de arme, de weduwe, de wees en de vreemdeling.

Wij willen deze Bijbelse oproep ter harte nemen. Wij eren hier alle mensen die met zachte kracht gestalte geven aan verantwoordelijkheid, herverdeling en solidariteit.

(viering 18 februari 2025)

Dominicus Gent

Dominicus Gent

Bekijk alle berichten

Voeg commentaar toe

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Abonneer u op de nieuwsbrief van Bijlichten

Schrijf nu in

* indicates required